Voorkom kennis-erosie: denk na over opleiden op de werkplek

“Kennis delen is met elkaar praten op het werk, over het werk.”

Wanneer wij een bedrijf helpen bij het opzetten van een ”werkplek-opleidingstraject”, leidt dit vaak automatisch tot een ‘organisatorische reset’.

Waarom?

Omdat er bij “Opleiden op de werkvloer” opeens gesproken wordt over werkprocessen die iedereen voor vanzelfsprekend houdt.

Bijvoorbeeld over zaken als: wat is een werkvergunning?

Vaak gaat men er vanuit dat de hele organisatie hetzelfde denkt over wie wat mag doen, hoe machines veilig worden afgesteld, etc. Toch blijkt tijdens onze ‘werkplek-trajecten’ vaak dat er intern heel anders wordt gedacht over het veiligstellen van apparatuur, of over welke vaardigheden een collega moet beschikken om met een bepaalde machine te werken.

Voorkom kennis-erosie door opleiden op de werkplek

Wij hebben door onze trajecten bij klanten gemerkt dat er binnen de procesindustrie intern steeds minder op een eenduidige manier wordt opgeleid en dat er daardoor kennis-erosie optreedt binnen de organisatie. Veiligheid en de kwaliteit van het proces komen hierdoor soms ernstig in gevaar.

Wanneer bij medewerkers, mentoren en praktijk-opleiders onderling geen duidelijk beeld bestaat over zaken waarin men bewust bekwaam moet zijn, kan een organisatie geen gerichte leerdoelen opstellen. Gevolg is dat de waan van de dag bepaalt wat medewerkers elkaar leren.

Met “Opleiden op de werkplek” stimuleren wij het praten over het werk, het uitwisselen van ervaringen en bespreken van lastige situaties, waardoor vakmanschap op de werkplek blijft groeien. Niet alleen tijdens functioneringsgesprekken, maar gewoon tijdens het werk.

Niet alleen de medewerker leert maar de hele organisatie. Het leervermogen van de organisatie wordt versterkt. Reden genoeg dus om eens na te denken over opleiden op de werkplek.

Andere sector, andere werkvloer

VAPRO staat niet echt bekend als ‘opleider op de werkplek’. Hoewel wij met onze standaardopleidingen voor de procesindustrie veel op de werkvloer komen, is het einddoel van deze opleidingen altijd het behalen van het vakdiploma VAPRO A, B en C.

Maar veel bedrijven hebben ook de behoefte aan scholing op maat om dit vakdiploma goed in te kunnen zetten in het eigen bedrijf. Hierin voorziet VAPRO inmiddels ook met het traject “Opleiden op de werkplek”.

Wij gaan daarbij uit van de vraag: wat moet een operator eigenlijk doen, iedere dag dat hij naar zijn werk gaat?

En dat verschilt nogal eens per sector.

Een operator in de voedingsmiddelenindustrie heeft een hele andere werkplek dan iemand in de chemische industrie.

Bij het ene maakproces speelt voedselveiligheid een nadrukkelijke rol, bij het andere proces is er waarschijnlijk veel te doen om milieuveiligheid. Ook zijn de geautomatiseerde regelsystemen per bedrijf meer of minder complex. Bij een olieraffinaderij zullen veel veiligheidsregels geautomatiseerd zijn, bij een koekjesbakker misschien alleen de temperatuur van de oven.

In een sector waar aangeleverde ruwe natuurgrondstoffen niet altijd dezelfde kwaliteit hebben (bijvoorbeeld klei, katoen, etc. ), zal een operator meer handmatig mogen (en moeten) instellen dan in de medicijnindustrie waar heel strak wordt gewerkt met uniforme bestanddelen en vaste procedures.

Kijken naar processen

Omdat iedere werkvloer anders is, kijken wij, wanneer we worden gevraagd om een operator op te leiden ‘op de werkplek’, heel nauwkeurig naar de concrete taken van een operator in het productieproces. Op basis van het dagelijkse werkproces formuleren wij wat een cursist moet kennen en kunnen, hoe hij dat kan gaan leren – in theorie en praktijk.

En op basis daarvan stellen wij een trainingsplan op. Wij verzorgen ‘opleidingen op de werplek’ voor allerlei soorten bedrijven: van vuilverbranders en kaasmakers, tot pigmentfabrieken en olieraffinaderijen.

Het mooie van ‘werkplekleren’ is dat bedrijven geen kennis inkopen, maar worden geholpen om de aanwezige kennis in de organisatie beter te verspreiden. Wij leveren onze didactische kennis om de ‘werkplekopleiding’ zelf op te zetten – en wij trainen jullie mensen om elkaar (en zichzelf) op te leiden. Met de kennis uit jullie bedrijf maken wij dynamische leermiddelen die men zelf kan gebruiken om kennis te delen.